Vandaag ben ik met 3 kleindochters (13-16 jr) op stap. Ze hebben 'studieverlof'. Dat betekent dus een vrije dag! Een
poosje terug was ik met Ruth naar het Verzets-museum in Amsterdam. Wij hebben toen alleen de tijdelijke tt 'Elke dag een draadje' bekeken. Maar niet het museum gedeelte over WO II. Daar ben ik vandaag met de meiden heen. Zware kost? Ja, maar ze zijn altijd erg geïnteresseerd, het is aan hun besteed. De jongste van bijna 6 gaat natuurlijk niet mee, zij is liever zó bezig:
Toen met Ruth heb ik in het voorbijgaan één foto gemaakt die direct allemaal herinneringen opriep. Op het eerste gezicht een vreemde compositie:
Een soldatenhelm uit de 2e wereldoorlog, omgebouwd tot po! De herinnering is onontkoombaar.
1945. Ik ben net 3 jaar en woon aan het meest oostelijke randje van de
Watergraafsmeer in Amsterdam, vlakbij Stadion
'De Meer', het oude Ajaxstadion. De oorlog is een paar dagen voorbij en vandaag gaan we naar de Middenweg (waar toen al lijn 9 reed) om de Canadese soldaten toe te juichen. Ik mag mee, samen met mijn ouders, broertje, grote zus en oude buurvrouw. Oh wat een mensen en wat duurt het lang. Ik moet plassen! Geen nood. Buurvrouw heeft een lange, wijde zwarte jas die ze uitspreidt en ik kan mijn plasje doen. Na de zomer-vakantie gaat mijn broertje van 6 naar de grote school. Wat verschrikkelijk. Wij spelen altijd zo fijn samen en ik mis hem zo! Ik ga hem zoeken, elke dag weer. De trap af, onze voordeur (de middelste van 3) uit en het (Volta-)plein op. Moeder moet me steeds zoeken, lopend of met de fiets. Eén keer vindt ze me ver weg in de grote R.K. kerk!
Kijk, hier is mijn huis, links op de 1e verdieping. En zie je het dakraampje rechts naast de dakkapel? Dat heeft mijn vader later toen ik 7 was, voor mij groter gemaakt, voor mijn eigen hokje.
Moeder kan dat niet volhouden. Ze heeft hele zware jaren achter de rug, emotioneel én lichamelijk. Er wordt besloten dat ik naar de peuterschool moet, aan de overkant van de Middenweg op een braakliggend stukje grond aan de rand van
Betondorp. Wat vind ik dát verschrikkelijk! Ik wil bij mamma blijven, met broertje spelen. Ik wíl niet naar school!! Op een dag zit ik daar op de wc een plasje te doen. Plots gaat de deur met een ruk open, wordt ik door die grote strenge vrouw met knot omhoog gerukt en krijg ik een pak slaag op mijn billen!! Ik snap helemaal niet waarom (later denk ik: misschien zat ik per ongeluk op de jongens wc?) Nu vind ik het daar niet alleen verschrikkelijk, maar durf ik ook niet meer naar de wc. Op een dag. Na schooltje loop ik over het ongelijke stuk grond van gras en zand naar de Middenweg, waar ik moet wachten op moeder of het dienstmeisje. Ik moet plassen! Oh, wat moet ik nodig plassen. Ik probeer het plasje met mijn handje tegen te houden terwijl ik begin te huilen. Ineens is daar een grote soldaat (die daar nog regelmatig rondliepen).
"Wat is er aan de hand meisje, waarom moet je huilen?"
"Moet een plasje doen", bibber ik.
Dan, terwijl hij zijn helm pakt, zegt hij met vriendelijke stem:
"Kom maar, doe het maar in mijn helm!"