Gezellig dat je even bij me langs komt. Op deze plaats deel ik het een en ander over mijn hobby, Patchwork en Quilten, en ook iets over familie, huis, tuin, hond en andere leuke dingen. Soms ook wat om over na te denken. Ik vind het leuk als je een reactie achterlaat en als je klikt op de foto's worden ze een stukje groter.
Veel plezier!

Djed en Repka

Rusland is, zoals de meesten wel weten, rijk aan cultuur. Componisten, musici, dansers, schilders en schrijvers, daar zijn wereldberoemde namen onder. Kleine kinderen van 3-4 jaar leren op de Russische peuterscholen al gedichtjes van beroemdheden voordragen en er worden heel wat verhalen voorgelezen of opgevoerd. Ben ik in Wit Rusland, dan kan je me steevast een keer vinden in een boekwinkeltje. Ik steven dan direct naar de kinder-boeken. Ik ben namelijk dol op de verhalen én op de schitterende illustraties. Daar kan ik uren van genieten. De man van mijn vriendin heeft me dikwijls een verhaal voorgelezen. En o, wat klinkt dan hetRussisch zangerig en mooi. Meestal is het een verhaal met een moraal. Zoals het verhaal over 'Djed en Repka' (Opa en de Raap).


Jaren geleden, toen ik het boekje net gekocht had, kwam ik Opa in het enige Warenhuis in Grodno als 'matroesjka' tegen. Matroesjka betekent letterlijk: moedertje. Elke ouder en kind in Rusland kent het.  Oh, wat vond ik dat leuk! Je kon het hele verhaaltje van opa en die raap er mee spelen. Nou en dat hebben mijn kleindochters ook allemaal gedaan. Logisch, want in de buik van elk popje zit een kleiner popje. Maar nu willen jullie natuurlijk wel het verhaal horen. Daar gaat hij dan.

Opa zaait een raap. En hij groeit en groeit.... Hij wordt heel groot. Opa wil de raap uit de grond trekken. Hij trekt en hij trekt, maar hij kan hem er niet uittrekken. Opa roept oma: oma wil je me helpen. Ja hoor, ik kom al.

Oma houdt opa vast, opa houdt de raap vast. Ze trekken en trekken... Maar het lukt niet. Oma roept Jerusa, haar kleindochtertje: Jerusa wil je helpen? Ja hoor, ik kom er aan.

Jerusa houdt oma vast, oma houdt opa vast, opa houdt de raap vast. Ze trekken en trekken.... Maar het lukt niet. Jerusa roept de hond: Max, wil je helpen? Woef woef, ik kom er aan.

Max houdt Jerusa vast, Jerusa houdt oma vast, oma houdt opa vast, opa houdt de raap vast. Ze trekken en trekken.... Maar het lukt nog niet. Max roep de poes: Poes wil je helpen? Miauw, ja hoor, hier ben ik al.

Poes houdt Max vast, Max........ Ze trekken en trekken, maar het lukt nog steeds niet. Poes denkt hard na. Dan ziet ze Misja, de muis. Misja, kan je komen helpen? Piep piep, ik kom.

Misja houdt Poes vast, Max..... En daar gaan ze weer. Ze trekken en trekken.....en daar schiet de raap uit de grond! Moraal: ook al ben je klein en ziet bijna niemand je, je bent onmisbaar! En ook al denk je dat je als kat en hond of als muis en kat eigenlijk elkaar in de haren moet zitten, je hebt elkaar toch nodig.


Jerusa is mijn jongste kleindochtertje. Ze speelt al veel met de poppetjes, het verhaaltje komt nog.

Vingerhoedjes

Aan sommige dingen kleven hele vroege herinneringen. Dat heb ik bijvoorbeeld met pindakaas, maar daarover misschien een andere keer. Vandaag denk ik aan de vingerhoed. Een alledaags gebruiksvoorwerp dat door de Grote Nederlandse Larousse Encyclopedie omschreven wordt als: 'Vingerdopje voor naaisters, kleermakers, enz. om met kracht tegen de naald te kunnen duwen zonder zich te verwonden / Inhoudsmaatje voor natte waren, nl. een centiliter; geringe hoeveelheid'. Nou zag ik als heel klein kind mijn moeder wel met naald , draad en vingerhoed, maar dat is niet de herinnering die ik bedoel. Nee, dat is wat anders.
Zo tegen een uur of 6, voor het warme eten, als ik wat drenzerig werd en we moesten wachten tot papa eindelijk thuis kwam of mijn grote zus klaar was met haar huiswerk, deden moeder en ik vaak een spelletje. Moeder pakte de vingerhoed, verstopte hem op een plaats die bijna direct in het oog viel en ik moest zoeken. En natuurlijk verstopte ik hem daarna voor haar. Grote pret, want wat had ik hem goed verstopt! Een vingerhoed was dus iets om verstoppertje mee te spelen. Later, toen ik leerde naaien, wilde ik nooit een vingerhoed gebruiken. Ik kon niet met dat ding overweg. Maar ja, toen ik voor het eerst een quiltje echt officieel met quiltring wilde doorpitten, toen moest ik er wel aan geloven. Ik moest er zelfs 2 hebben! Een voor de linker en een voor de rechter hand. Dat was wennen. Intussen hadden we met 3 vrouwen een quiltbee. Een van ons ging op vakantie naar China (inmiddels is ze daar 9 maanden per jaar,samen met haar man). Toen ze terug kwam bracht ze voor ons elk een vingerhoedje mee. Tja, en dat was het begin. Ik vond het zo leuk, dat ik aan het sparen ging. En nu nemen kennissen en vrienden regelmatig een vingerhoedje voor me mee. Hele aparte en hele gewone.

In Cuba kreeg ik bijvoorbeeld de rode en blauwe plastic vingerhoedjes van onze gastvrouw. En in Wit Rusland kocht ik er een op een markt, de kleinste metalen die ik heb. Inmiddels heb ik ze uit Australië, Nieuw Zeeland, Paris in Zuid Afrika, Engeland, Libanon, Egypte, Turkije,




natuurlijk ook uit Nederland en nog meer.


Veel gekregen. Zo zie je maar, van de ene liefhebberij komt de andere.

Maar het echte werk gaat intussen wel door. Wat was ik in mijn sas toen ik zo'n jaar of 2 geleden een voor mij totaal onbekend 'vingerhoedje' tegen kwam.
Aunt Becky's, een simpel metalen plaatje. Geen schoonheid voor een verzameling, maar o zo ideaal om mee te werken. Je houdt het lange gedeelte met je linkerhand vast onder de quilt die in het quiltraam gespannen is. Met het korte stukje vang je de naald op die je met de vingerhoed van je rechterhand door de 3 lagen duwt, je kantelt de naald en dan duw je met Aunt Becky's de naald weer naar boven door de stof. Zo kan je een paar kleine steekjes achter elkaar maken. Toch makkelijk.....

Mijn moeder

In mijn hobbykamer, de Idylle, bewaar ik heel wat herinneringen aan mijn moeder. Ze werd in 1903 geboren, dus al meer dan 100 jaar geleden. Ze was een ontzettend lief, bescheiden mens. Een warme moeder met een schoot waar ik nog fijne herinneringen aan heb. Wel worstelde ze nogal eens, zoals veel mensen, met gevoelens van minderwaardigheid. Om een beroep te leren moest ze naar de 'Utrechtsche Industrieschool' voor een opleiding tot lerares huishoudkunde. Daar hoorde natuurlijk ook allerlei naai en borduurwerk bij. Ze vond het ...... verschrikkelijk! Al dat uitrekenen van patronen. En later voor een klas staan? Dat was niets voor haar. Ze was liever bezig met tekenen, schilderen en ze hield van schrijven. Als jonge vrouw heeft ze dat ook veel gedaan. Ze schreef korte verhalen of feuilletons die ook gepubliceerd werden. Bijvoorbeeld in 'De Spiegel'. Op de foto zie je haar zitten in een strandstoel. Bezig met een verhaal.

Ze ondertekende de foto met haar schuilnaam: Guusta van Meekeren. Maar ze deed heel erg haar best op school, heeft 2 keer examen gedaan, maar geen diploma gehaald. Toch heb ik een hele doos vol van haar werkjes en ik sta er altijd in bewondering naar te kijken wat ze allemaal gemaakt heeft: jurkjes, hemdjes, schortjes, nachtponnen, sokken, babyslofjes, monogrammen, versiersels,



proeflappen met verschillende steken. Nou ja, noem maar op. Moeder vond het niet fijn om nieuwe dingen te naaien, ook gordijnen waren een probleem voor haar. Mijn vader moest dan helpen! Maar wat ze ontzettend fijn vond om te doen, was verstellen. En dat kon ze als de beste. Het gaf haar enorm veel voldoening als ze weer een onderbroek of hemd gered had of sokken gemaasd. Een gaatje in een colbertje van vader kon je niet meer terugvinden, zo netjes kon ze dat met kleine draadjes 'wegweven'. Ik zie ons nog gezellig om de eettafel zitten, moeder met haar verstelwerk, vader met zijn werk of een boek en sigaar en ik met mijn teken of knutselspullen.



Moeder overleed in 1969, vader in 1994. Na zijn dood vond ik een mooie doos met een koperplaatje met initialen er op. Ik dacht: die moet van moeder geweest zijn. Hij zat op slot en nergens was een sleuteltje te vinden. Maar het is toch gelukt hem open te krijgen.
Het bleek een soort brievendoos te zijn waar liniaaltje, pen en gum in bewaard kunnen worden, compleet met glazen inktpotje. Toen ik de binnenklep optilde werd het een soort plankje, bekleed met donker paarse stof. Toen zag ik dat de onderste helft van de binnenklep nog een keer opengeklapt kon worden en daaronder vond ik tientallen brieven van mijn vader aan moeder uit hun verlovingstijd! Geweldig! Wat een verrassing. Er zaten ook een paar foto's bij. In een andere doos vond ik wel 200 ansichtkaarten en brieven van moeders vader, haar moeder, haar zus en broers en ook heel veel van haar zelf. Ik haalde er één uit om te lezen. Het was een ontroerende brief van moeder aan haar lievelingstante waarin ze vertelt dat en hoe mijn vader haar ten huwelijk vroeg. En ze beschrijft haar idealen, verlangens en gevoelens, waarin ik heel veel van mezelf herkende. Zo kostbaar. Een mens komt niet zomaar uit de lucht vallen. Er is een voorgeschiedenis die je leven beïnvloedt. Er is een  gedachtengoed dat doorgegeven kan worden. En dat hebben mijn ouders ook gedaan. Daar ben ik ze bijzonder dankbaar voor.

Vriendschap is liefde met begrip

Het was al jaren geleden dat ik bij Corrie thuis was, maar een paar weken terug was het zover. Ik zat weer eens gezellig bij haar op de bank. En wat hebben we fijn bijgekletst. Over de Wit Russische kinderen die in 1992 hier waren, over onze eigen kinderen en kleinkinderen en nog van alles en nog wat. En wat een prachtige dingen maakt ze: kartonnage, heel fijn borduurwerk, breiwerk en nog veel meer. Vooral de met stof beklede lange doos met 2 verdiepingen, waar ze allemaal kaartjes met bandjes en kantjes in bewaard, vond ik schitterend. Op de woensdag dat we met 5 vrouwen naar Witmarsum gingen, kreeg ik van haar dit borduurwerk.


Ze had me er al iets van laten zien, maar ze heeft het speciaal voor mij afgemaakt. Met onze namen er op! Wat is het een mooi patroon, met die handen die naar alle kanten een warm hart schenken. Ik denk dat ik het, net als zij, voor de bovenbekleding van een doos ga gebruiken. Maar dan heb ik wel haar hulp nodig!

Mijn quiltpagina

Ik ben vandaag begonnen met mijn quiltpagina. De inleiding is klaar. De komende tijd zal ik er wat foto's bijzetten van quilts of werkstukjes die ik in de loop van de jaren heb gemaakt. Ik heb de foto's wel, maar moet ze even bewerken voor deze weblog. Ik doe het rustig aan.

WIT RUSLAND

Hoe het begon
Sinds 1992 kom ik regelmatig in Grodno in Wit Rusland. In dat jaar maakte ik kennis met Larissa, een onderwijzeres die een groep kinderen begeleidde. De kinderen waren slachtoffer van de Tsjernobylramp en kwamen 6 weken naar Neder-land voor hun gezondheid. Larissa was atheïstisch opgevoed en wilde nooit over God praten. Ook omdat haar familie erg geleden heeft onder Stalin. In die 6 weken ontdekte ze dat God wel degelijk bestaat en dat 'met God in je hart je leven kan veranderen', zoals ze zelf zei. Larissa werd een dierbare, bijzondere vriendin voor mij. Ik heb haar en haar gezin steeds beter leren kennen en de veranderingen in hun leven met eigen ogen gezien.

Ik ben ontzettend blij dat ik heb gezien hoe zij daar in Wit Rusland leven. Ik heb er veel van geleerd en ik ben er erg door gezegend. De gastvrijheid is geweldig! Er is altijd plaats voor je en overal word je verwend met een maaltijd of gewoon wat lekkers. Daar kunnen wij hier een voorbeeld aan nemen.

Toen ik in 1992 voor het eerst in Wit Rusland kwam, was het alsof ik in een gevangenis terecht was gekomen. Ook was het alsof er een grauwe deken over alles lag. Er was weinig blijdschap. Je zag geen hoop in de ogen van de mensen. Er was wantrouwen. Dat is wel veranderd, hoewel ik bij mijn laatste bezoek in april 2008 weer iets van dat oude weer terug zag. Het land lijdt nog steeds onder dictatuur. En er is veel armoede.
De protestantse kerken staan onder druk. Voor sommige evangelische kerken wordt het leven bijna onmogelijk gemaakt. Door tegenwerking of bureaucratie. Je kunt daar over lezen op de site van de New Life Church in Minsk.